Verslag themamiddag Boer-Bij-Burger 11 juli

Verslag themamiddag Boer-Bij-Burger 11 juli

Op 11 juli organiseerden we een themamiddag over biodiversiteit. Biodiversiteit staat volop in de belangstelling. Veel partijen zijn zoekende naar een praktische en haalbare invulling om biodiversiteit te stimuleren. Met deze bijeenkomst hebben laten we zien welke maatregelen er zoal genomen worden, welke ideeën er leven en wat de impact hiervan is. Er waren 4 sprekers die ieder vanuit hun eigen kant het onderwerp belichten:

Bas Volkers Bas startte de middag, hij is coördinator cluster Natuurcombinaties bij het ministerie van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). Door het belang en de (economische) waarde van natuur en natuurlijke processen voor een sector in beeld te brengen, ontstaat er in die sector een belang om zorgvuldig met de natuur om te gaan.

Jan Reinier de Jong vertelde over zijn akkerbouwbedrijf waar duurzaamheid, innovaties en oog voor biodiversiteit hoog staan. De Jong is actief in agrarisch natuurbeheer. Op zijn bedrijf heeft hij akkerranden voor insecten en amfibieën en voedselvelden voor akkervogels. Hij is DB lid van de cooperatie Agrarische Natuur Drenthe.

Kirsten Haanraads Kirsten werkt als adviseur Public Afairs bij Natuurmonumenten. Natuurmonumenten zet zich in om de natuur in Nederland en onze karakteristieke landschappen te beschermen en versterken. Dat natuur en de landbouw elkaar meer opzoeken is hierbij onvermijdelijk.

Ronald Visschers Ronald sloot de middag af, hij is sinds augustus 2017 directeur van Top Institute for Food and Nutrition (TiFN). TiFN is een uniek platform waar de industrie en de academische wereld samenkomen en samenwerken om baanbrekende innovaties in voedsel en voeding te creëren. TiFN stelt de voedingsindustrie in staat om grote maatschappelijke problemen aan te pakken.

Deze bijeenkomst werd mede mogelijk gemaakt door: Stichting Veldleeuwerik, Agrifirm, BASF, provincie Drenthe, Agrarische Natuur Drenthe, familie De Jong

 

Onderstaande verslag geschreven door Roy Schutte en stond 13 juli in het Dagblad van het Noorden

In Odoorn staan alle neuzen dezelfde kant op: zorg voor natuur en landbouw sluiten elkaar niet uit

Initiatieven genoeg om de landbouw te verduurzamen, maar er moet niet alleen naar boeren gekeken worden bij het natuurvriendelijker produceren van voedsel.

Alleen wanneer de hele maatschappij zich bewust wordt van de voordelen van het combineren van landbouw en natuurwaarden, kunnen boeren stappen zetten. ,,We moeten naar een natuurinclusieve samenleving”, stelt akkerbouwer Jan Reinier de Jong.

Hij belegde een bijeenkomst op zijn bedrijf in Odoorn om met boeren, commerciële en maatschappelijke organisaties, onderzoekers en overheid de toekomst van de natuurbewuste boer te bespreken. Op dit punt stonden alle neuzen dezelfde kant op.

Bas Volkers van het ministerie van LNV: ‘Geen zooitje, maar overgang’

Natuurvriendelijk boeren kan door het maaibeleid aan te passen op het broedseizoen en te variëren met gewassen om de vruchtbaarheid van de bodem te verhogen. ,,We zien tal van initiatieven. Dat is geen zooitje maar een overgang”, stelt Bas Volkers van het ministerie van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit.

Hij ziet dat het natuurbeleid de afgelopen jaren drastisch veranderd is. ,,Eerder zetten we in op het beschermen van de natuur tegen de maatschappij. Sinds de Natuurvisie van 2014 kijken we naar mogelijkheden om samen met de maatschappij natuur te beschermen. Landbouw is daar een onderdeel van.”

‘We hebben Malle Eppies nodig’

Veel boeren willen wel volgens Volkers, maar kunnen of mogen het niet altijd op hun natuurvriendelijke manier werken. Door klimaatopgaven en maatschappelijke druk zijn boeren (moreel) verplicht duurzamer te werken. Technologische vooruitgang kan dat ondersteunen, drones kunnen weidevogelnesten traceren.

Tegelijkertijd is er nog weinig kennis en ervaring, de boer weet niet of het hem iets oplevert. Ook kunnen overheid en andere boeren dwarsliggen bij nieuwe werkwijzen. Volkers vindt kennisdeling essentieel, experimenteren en onderzoeken zijn de eerste stappen. ,,We hebben Malle Eppies nodig die voorop lopen en wat proberen. Van daaruit moeten we de groep in beweging zien te krijgen.”

‘Er moet wel geld verdiend worden’

Jan Reinier de Jong is een van de ‘Malle Eppies’. Als vierde generatie op de boerderij in Odoorn heeft hij de afgelopen twintig jaar het gebruik van chemie en mest verminderd. ,,De bodem is de basis, je moet zorgen dat die op orde is.”

De Jong is actief in het agrarisch natuurbeheer. Zo zaait hij zijn akkerranden in met kruiden en bloemen voor insecten. Voor De Jong is het simpel, het moet wat opleveren. ,,De maatschappij bepaalt wat ik doe. Alles wat ik doe aan natuurinclusieve landbouw is op die plek einde productie. Maar er moet uiteindelijk wel geld verdiend worden, ik heb ook een gezin dat onderhouden moet worden.”

Voedselwetenschapper Ronald Visschers: ‘Duurt nog wel even voor consument wil betalen’

En zolang de consument niet meer wil betalen voor duurzame en natuurvriendelijke producten, zitten er grenzen aan de goede bedoelingen van boeren. ,,Het duurt nog wel even voor consumenten willen betalen voor duurzame producten”, zegt voedselwetenschapper Ronald Visschers.

Volgens de directeur van het Top Institute for Food and Nutrition (TIFN) in Wageningen kiezen consumenten te makkelijk voor niet-duurzame producten omdat omdat ze niet weten wat nou echt goed is. ,,Een Partij voor de Dieren-stemmer kan in de supermarkt zo een kiloknaller kopen. Mensen weten niet wie ze kunnen vertrouwen als het op informatie aankomt. We moeten onderzoeken hoe informatievoorziening het best kan worden ingezet.”