Aardappels eruit, oliebollen eten.

Aardappels eruit, oliebollen eten.

Op 19 oktober hebben we de laatste aardappels gerooid. Traditiegetrouw staan hier dan oliebollen op tafel. Een goed gebruik dat we graag in ere houden.

Dit jaar eindigden we niet met de zetmeelaardappels. Die hadden we een week geleden al gerooid. Er moest nog een stukje pootaardappelen gerooid worden, maar de kisten waren op. Na een week sorteren waren er voldoende lege kisten om te gaan rooien.

De opbrengsten zijn dit jaar goed. De zetmeelaardappels hebben een gemiddelde opbrengst. Het zetmeelgehalte wordt pas duidelijk bij het afleveren begin volgend jaar. Maar we zijn tevreden. De pootaardappelen hebben een bovengemiddelde opbrengst. We zien we iets meer schurft en andere gebreken. Maar al met al zijn we zeker tevreden.

En de oliebollen smaken natuurlijk heerlijk na een seizoen hard werken.

Het oliebollenbakteam 2021.

De panelen liggen.

De panelen liggen.

Op 19 augustus legden onze dochters het eerste zonnepaneel op zonnepark Daalkampen, een bijzonder moment. Inmiddels zijn we twee maanden verder en is veel gebeurd. De afgelopen periode is er hard gewerkt door de mannen van EVKlips. Er zijn ruim 40.000 panelen gelegd. Verder is alle bekabeling aan de panelen gemonteerd en zijn de hoofdkabels ingegraven. Ook is het tweede inkoopstation geplaatst. Het wachten is op de transformatorstations. Deze hebben vertraging, waardoor het werk de komende weken nagenoeg stil ligt. In november zullen de werkzaamheden hervat worden.

Mijn zienswijze op het 7e actieprogramma nitraatrichtlijn.

Mijn zienswijze op het 7e actieprogramma nitraatrichtlijn.

Geachte minister Schouten, beste Carola,

Het is alweer twee jaar geleden dat wij u op ons akkerbouwbedrijf hebben mogen ontvangen. De droogte was toen de aanleiding. Blij verrast waren we met de tegenuitnodiging waar onze dochter Sterre en ik te gast bij u waren tijdens de viering van Prinsjesdag. In de gesprekken die we in 2019 hebben gehad heb ik u leren kennen als een minister met kennis van zaken die weet waar ze over praat. Het concept 7e Actieprogramma Nitraatrichtlijn waarin het ministerie van LNV een aantal maatregelen voorstelt om de waterkwaliteitsdoelen in de Nitraatrichtlijn en de Kaderrichtlijn Water te halen komen voor mij dan ook als een grote verrassing. De voorstellen voor duurzame bouwplannen zijn zeer ingrijpend voor de akkerbouwsector, maar volgens mij schiet u uw doel voorbij. In deze brief maak ik graag van de gelegenheid gebruik om dit nadere toe te lichten.

Waterkwaliteit

Uit het ontwerp 7e Actieprogramma blijkt dat de normen voor de grondwaterkwaliteit uit de Nitraatrichtlijn in onze regio (zandgronden) ongeveer op het gewenste niveau van 50 mg/l zitten. Bij collega’s op klei- en veengrond wordt dit niveau onder normale omstandigheden eenvoudig gehaald. Mochten er nog gebieden zijn die niet aan de doelen voldoen dan is het beter om dit gebiedsgericht en gewas specifiek aan te pakken in plaats van de hele sector het leven moeilijk te maken.

Duurzame bouwplannen: Rustgewassen

In 2023 wordt het verplicht om elke vier jaar een rustgewas te telen in het bouwplan. Vanaf 2027 wordt dit zelfs elke drie jaar verplicht. Een maatregel die voor heel Nederland gaat gelden, terwijl zoals bovengenoemd de waterkwaliteitsdoelen in het grootste gedeelte van ons land worden gehaald.

Meer graan in het bouwplan zal ten koste gaan van de teelt van financieel interessante gewassen zoals aardappelen en suikerbieten. Hierdoor krijg ik met een inkomensdaling te maken en dat terwijl juist de kosten steeds verder toenemen. En levert de teelt van graan (als rustgewas) echt een hogere bijdrage aan het voorkomen van nitraatuitspoeling dan andere gewassen?

De afgelopen jaren zaaien we vanggewassen na zomergerst, meer dan de wettelijke verplichting. Dit doen we omdat het goed is voor de bodem. Deze groenbemester werken we eind december door de grond, zodat deze kan verteren en we er voor de vervolgteelt wat aan hebben. Dat mag straks ook niet meer. Dan krijgen we hetzelfde als bij het scheuren van grasland. Dat moet nu in het voorjaar, met het gevolg dat het gras onvoldoende verteert en we extra moeten bemesten. Vooral in droge zomers, die hebben we steeds vaker, blijft het gras onverteerd in de grond achter. Een ander nadeel van een perceel groen de winter door is dat de vorst haar werk niet kan doen. Vorst heeft een positief effect op de bodemstructuur. En achter gebleven aardappels vriezen kapot. Met een vanggewas is dat niet aan de orde waardoor problemen met aardappelziektes als aardappelmoeheid toe kunnen nemen. Iets wat zeer onwenselijk is.

Duurzame bouwplannen: Inzaai vanggewassen

Als tweede maatregel wordt voorgesteld dat op onze zandgronden vanaf 2023 60% van het areaal voor 1 oktober ingezaaid moet worden met een vanggewas. Op het moment van schrijven van deze brief zijn al onze aardappels nog niet geoogst en moeten we nog starten met het suikerbieten rooien. Deze maatregel is dus niet haalbaar. Op het voorstel om vanaf 2027 het volledige bouwplan voor 1 oktober in te gezaaid te hebben met rustgewassen ga ik maar niet op in.

Dit voorstel staat haaks op de praktijk, zoals ik dat steeds vaker zie. De zetmeelaardappeloogst startte hier dit jaar op 2 oktober. Mijn eerste suikerbieten worden rond 22 november gerooid. De laatste bieten gaan pas tweede helft december uit de grond. Deze gewassen groeien dus nog volop. Door de opgelegde datum van 1 oktober wordt ik gedwongen om vroegtijdig te oogsten. Hierdoor mis ik bij mijn zetmeelaardappelen enkele weken groei en bij mijn suikerbieten zelfs enkele maanden. Dit betekent een verhoging van de milieu impact, een veel lagere opbrengst en een kwalitatief minder goed product (een lager suiker- en zetmeelgehalte). Maar ook een lager inkomen voor mij en mijn gezin.

Bovendien krijgen onze coöperaties Avebe en Cosun het een stuk moeilijker omdat de kwaliteit van de gewassen een stuk minder is, de bewaarbaarheid minder wordt en de verwerking in kortere tijd zal moeten gebeuren. En dat terwijl campagnes uit kostenoogpunt juist steeds langer zijn geworden de afgelopen jaren. Al met al komt de concurrentiepositie van onze coöperaties onder druk te staan en dit gaat ten koste van het verdienvermogen van telers.

Duurzame bouwplannen: Bufferstroken

Als laatste worden er bufferstroken, of teeltvrije zones opgelegd, van 2 meter langs watergangen tot 5 meter langs ‘ecologisch kwetsbare waterlopen en KRW-waterlichamen’. Allemaal grond dat uit productie wordt genomen. Kostbare landbouwgrond wat niet meer beteeld wordt en dus ook geen inkomsten meer genereerd. En de inkomenspositie van de landbouw staat al onder druk.

Tijdens Prinsjesdag 2019 vroeg ik u of het nog wel leuk was om minister van Landbouw te zijn. U stelde mij een wedervraag, of het nog wel leuk was om boer te zijn. Ik heb dat met een volmondig JA bevestigd. We zijn inmiddels twee jaar verder. En soms zakt mij de moed ook wel eens in de schoenen. Ik heb een geweldig vak en ben elke dag met veel plezier op de boerderij bezig. Maar als ik hoor hoe er over ons als sector gepraat wordt en hoe makkelijk bepaalde regels zoals de nitraatrichtlijn worden opgelegd dan vergaat mij de lol ook wel eens. Dat er steeds meer geëist wordt van de landbouw past in de hedendaagse tijd, maar dan zal daar wel wat tegenover moeten staan.

In 2019 gaf u in interview een talkshow ons akkerbouwbedrijf een compliment voor hoe we met duurzaamheid bezig zijn. De maatregelen zoals hierboven benoemd doen daar afbreuk aan. Ik doe dan ook een dringend beroep op u en uw ministerie om de maatregelen aan te passen naar de boerenpraktijk. Zodat dat mijn bedrijf niet onnodig beperkt wordt in het ondernemen en dat er doelmatige en meer gebiedsgerichte en gewasspecifieke maatregelen komen in plaats van generieke maatregelen.

Met vriendelijke groet,

Jan Reinier de Jong

Einde oogst zetmeelaardappels.

Einde oogst zetmeelaardappels.

Afgelopen weekend zijn de laatste zetmeelaardappels gerooid. Altijd weer een mooi moment. We zijn begin oktober gestart met het inschuren. Ondanks het natte eerste weekend van oktober hebben we weinig stil gestaan. De oogst verliep vlot. De opbrengsten zijn goed en boven ons meerjarig gemiddelde. Ten op zichtte van 2018 liggen er dit seizoen 2,5 keer meer aardappels in de schuur. Zo zie je maar hoeveel impact het weer kan hebben. De aardappels blijven liggen tot begin februari. Dan worden ze gehaald voor verwerking tot aardappelmeel en eiwit.

Duchenne hero Robert Polinder te gast.

Duchenne hero Robert Polinder te gast.

Robert Polinder fietst om geld in te zamelen voor de ziekte van Duchenne, een progressieve spierziekte. Hij combineert het met een Tour de Boer, met tussenstops en overnachtingen bij boeren.  Want ook de positie van de boer wil hij onder de aandacht brengen.

Duchenne Heroes
In 2016 fietste Polinder voor het eerst mee met de sponsortocht van Duchenne Heroes. Die tocht gaat altijd vanuit Zuid-Duitsland naar de Vaalserberg. Vorig jaar ging het evenement vanwege corona niet door. Robert besloot daarom dit jaar zijn eigen toertocht in Nederland te organiseren. Van 11 tot 18 september gaat hij 100 kilometer per dag mountainbiken. Hij zal elke dag pauzeren en overnachten bij boeren.

Veranderende regelgeving
Robert is in het dagelijks leven werkzaam bij een transportbedrijf. Hij komt zelf niet vaak in contact met boeren. Maar ik volg er een heel aantal via Twitter. Ik heb de agrarische sector altijd interessant gevonden. Door alle regelgeving neemt de druk op de landbouw toe. Je hoort heel vaak dat mensen óver boeren praten, in plaats van mét. Dat wil ik nu dus gaan doen, gecombineerd met het fietsen.”

Tour de boer met mountainbike.

Polinder is via sociale media dagelijks te volgen. Hij zal daarbij zowel de kwetsbare positie van kinderen met Duchenne als die van de boeren onder de aandacht te brengen. „Hij noemt het daarom ook: Tour de Boer met mountainbike.”

Sponseren

Op zondag 12 september was Robert te gast op ons bedrijf. Hij overnachtte samen met zijn familie op ons erf. Wij waarderen zijn Tour de Boer enorm en vonden het aangenaam kennis te maken. We hebben heb een financiële bijdrage gegeven. Ook jij kunt Robert Polinder sponseren via deze link

https://actievoorduchenne.nl/tour-de-boer-met-de-mtb

Eerste zonnepaneel geplaatst.

Eerste zonnepaneel geplaatst.

Op donderdag 19 augustus legden Lente, Elle en Sterre de Jong het eerste zonnepaneel op zonnepark Daalkampen. Een heugelijk moment voor de familie De Jong. De afgelopen jaren is heel wat tijd en energie in de ontwikkeling van het zonnepark gestoken. Vandaag is dus het eerste van 40.000 panelen gelegd. Als het park klaar is zal het voor ongeveer 5000 huishoudens stroom leveren.

Binnenkort zal er een crowdfunding voor het zonnepark worden opengesteld. Op deze wijze kan de omgeving mee profiteren middels een interessante rente vergoeding.

Weerbaarheid in de Veenkolonien.

Weerbaarheid in de Veenkolonien.

Miranda Meuwissen is wetenschapper bij Wageningen University & Research. Ze deed onderzoek naar veerkracht van de landbouw. Hoe staat het met de veerkracht van de landbouw in Europa, en hoe kunnen we het verbeteren? Als akkerbouwer mocht ik meewerken aan dit onderzoek.(zie link naar video onder dit bericht)

In meerdere gebieden in Europa is onderzocht met welke economische maar ook milieutechnische en maatschappelijke risico’s agrarische systemen te maken hebben. Ook is gekeken naar het resultaat in de regio; is het bedrijfsinkomen voldoende, maar ook: hoe leefbaar is het gebied, is er arbeid beschikbaar, zijn er zorgen rond duurzaamheid. Voor al deze punten is ook gekeken naar verbetermogelijkheden en vooral ook naar wie daarbij een rol kan spelen. Dat is vaak niet alleen de boer en zijn of haar gezin.
In de Veenkoloniën is er al vaak een beroep gedaan op de veerkracht van de sector, destijds na de afgraving van het veen en meer recent toen de EU-steun voor zetmeelaardappelen werd afgeschaft. Er zit veel innovatiekracht in onze regio. Daar kunnen andere regio’s in Europa iets van leren. Aan de andere kant staan de Veenkoloniën ook weer voor nieuwe uitdagingen; de aardappelteelt is intensief waardoor er bijvoorbeeld problemen met aaltjes zijn.
Maar wat is veerkracht? Veerkracht is het meebewegen met ontwikkelingen zodat de risico’s niet te groot worden. Daarvoor is het in het ene geval voldoende om eens opnieuw naar aanvoer- en afzet te kijken, maar soms is er meer nodig – en is het goed om in te zetten op veranderingen. Waarom moest dit onderzocht worden? Als risico’s te groot worden is de vraag of de voedselproductie in Europa voldoende op peil blijft.
Je ziet overal in Europa dat de landbouw frisse ideeën heeft richting de toekomst – om zo mee te bewegen met de uitdagingen van deze tijd. Dat is in Noordoost Nederland ook zichtbaar, waar bijvoorbeeld geëxperimenteerd wordt met andere gewassen en samenwerking wordt gezocht met melkveehouders om te komen tot een ruimere rotatie. Elk gebied heeft z’n eigen voorbeelden van veerkracht. Toch zijn de onderzoekers ook niet helemaal gerust op de veerkracht van de landbouw in Europa. Vaak is een groot deel van de boeren wel bezig om in te spelen op de veranderingen, maar doet het systeem als geheel dat veel minder. Zo blijkt bijvoorbeeld de overheid in bijna alle gebieden vooral een korte-termijn focus heeft en er zelfs beleid is dat in tegenspraak is met elkaar. Het is lastig om daarmee te werken. Ook is de bedrijfsopvolging en voldoende beschikbaarheid van goede arbeidskrachten een punt van zorg. De overheid en ook financiers blijven vooral inzetten op het traditionele bedrijfsmodel; om jonge mensen aan te trekken moet er ook nagedacht worden over andere bedrijfsvormen zoals bv. gedeeld eigendom. Ook is het nodig dat de leefbaarheid van het platteland verbetert; zonder goede infrastructuur is het niet aantrekkelijk om je er te vestigen. Ga door met het verder ontwikkelen van alle goede ideeën die er leven. Dit zal leiden tot meer diversiteit in de regio’s zodat niet alle bedrijven tegelijkertijd door eenzelfde risico worden getroffen. Dit vraagt beleid dat deze ontwikkelingen ondersteunt maar ook dat banken, verzekeraars, de groothandel, arbeidsbureaus en scholen hierin mee bewegen. Veerkracht moet voorlopig dus op de agenda blijven staan.

Een link naar de video over de uitkomsten van het onderzoek.

https://youtu.be/5NUrcpCO71w

De graanoogst is binnen.

De graanoogst is binnen.
Afgelopen week hebben de brouwgerst geoogst. De afgelopen jaren ging dat meestal vanzelf. De droge zomers met hoge temperaturen maakten het combinen tot een makkie. Dit jaar was anders. De vele natte dagen beperkte de mogelijkheden om het graan droog binnen te krijgen. En als gevolg van stevige stortbuien de afgelopen maanden lag de gerst behoorlijk plat. Het was dus een hele klus om dit goed van de grond te krijgen en het opbrengstverlies te beperken. Al met al is dit redelijk gelukt. De brouwgerst kwam droog binnen en de opbrengst was zeer goed, op een niveau dat we niet eerder meemaakten. Het grootste deel van de brouwgerst zit bij onze coöperatie Agrifirm in de graanpool. Zij vermarkten het voor ons. Het gaat dan via Holland Malt naar Bavaria of Heineken.
Ook gaat er gerst naar onze lokale bierbrouwer Martijn Eggens. Hij brouwt van onze gerst verschillende batches bier onder andere te koop in de winkel als 100%Lokaal en de Korenaar. Hij doet dit deels onder de vlag van Dubbel Drents. Martijn was zelf meerdere dagen aanwezig tijdens de oogst en bestuurde een trekker met wagen naast de combine. Dat hebben de grote bierbrouwers nog nooit gedaan.

De eerste pootaardappelen aan de maat.

De eerste pootaardappelen aan de maat.

In de laatste week van juli waren de eerste aardappels aan de maat. Pootaardappelen zijn aardappels die het volgend seizoen weer gepoot worden. Deze aardappels moeten aan een bepaalde maat voldoen. De meest gangbare maat is 28/55. De aardappels moeten dus tussen de 2,8 en 5,5 cm dik zijn. Gedurende het seizoen meten we regelmatig de dikte. De eerste rassen zijn inmiddels dik genoeg. Dan kan het loof eraf en stoppen de knollen met groeien. Tegenwoordig doen we dat met een loofklapper. Niet dat we dat willen, want het kost veel tijd, veel brandstof, elke 3 meter wordt door het gewas gereden en er beschadigen knollen, maar chemisch is dit niet meer mogelijk. Ongeveer 3 weken na de loofdoding kunnen de pootaardappels gerooid worden.