Nachtvlindertelling, de resultaten 2020.

Nachtvlindertelling, de resultaten 2020.

In 2020 hebben Lente en Jan Reinier meegedaan aan BIMAG. (Boeren Insecten Monitoring Agrarisch Gebied) Op 3 locaties: op het erf, in de pootaardappelen en in een akkerrand zijn een nacht lang vlinders gevangen (en weer los gelaten). Vanaf begin juli hebben we tien maal (vroeg) in de ochtend LedEmmers geleegd. Alle nachtvlinders zijn door Lente gefotografeerd en de foto’s zijn vervolgens naar de Vlinder Stichting gemaild. Daar is door de specialisten gekeken welke soorten er in de drie verschillende LedEmmers voorkwamen.

In totaal hebben we 388 nachtvlinders in de LedEmmers gevangen. Deze zijn verspreid over 51 verschillende vlinders soorten. Hieronder (tabel 1) is af te lezen in welk type landschap de drie LedEmmers stonden en hoeveel exemplaren en soorten er per LedEmmer zijn gevangen.  Een lijst van alle waargenomen soorten en aantallen op ons bedrijf is te vinden onderaan dit bericht in tabel 2. In deze tabel is ook de status op de voorlopige rode lijst opgenomen en het waardplanttype. In 2021 gaan wij weer tellen. Dan starten we eerder in het seizoen, afgelopen jaar werden de emmers pas in juli geleverd.

tabel 1 Aantal nachtvlinders per emmer

meetpuntnaam aant_ex aant_soort
akkerrand 134 29
akker 104 29
erf 150 31

 

 

Tabel 2. Aantal waargenomen nachtvlinders per soort op het bedrijf van Jan Reinier en Lente de Jong

Nederlandse naam Totaal_aantal Status voorlopige rode lijst* Waardplanttype
gewone grasuil 168 gevoelig grassen
eikenprocessierups 64 niet bedreigd bomen
gele eenstaart 18 niet bedreigd bomen
huismoeder 17 niet bedreigd divers
zwarte-c-uil 15 niet bedreigd kruiden
schijn-sparspanner / sparspanner / naaldboomspanner 10 niet beoordeeld  
streepkokerbeertje 8 niet bedreigd (korst)mossen
vierkantvlekuil 8 niet bedreigd divers
puta-uil 6 niet bedreigd kruiden
kleine beer 5 niet bedreigd divers
gerimpelde spanner 3 niet bedreigd bomen
graanworteluil 3 kwetsbaar divers
granietuil 3 kwetsbaar heiden
groene weide-uil 3 kwetsbaar grassen
spurrie-uil 3 gevoelig kruiden
uilen 3 niet beoordeeld  
appeltak 2 niet bedreigd bomen
beukeneenstaart 2 kwetsbaar bomen
gewone stofuil 2 niet bedreigd kruiden
groente-uil 2 niet bedreigd divers
halmrupsvlinder/weidehalmuiltje 2 niet beoordeeld  
kajatehoutspanner 2 kwetsbaar kruiden
open-breedbandhuismoeder / kleine breedbandhuismoeder 2 niet beoordeeld  
oranje wortelboorder 2 niet bedreigd kruiden
slakrups 2 niet bedreigd bomen
aardappelstengelboorder 1 niet bedreigd kruiden
agaatvlinder 1 gevoelig divers
boksbaardvlinder 1 bedreigd divers
bonte grasuil 1 gevoelig grassen
dwergspanner onbekend 1 niet beoordeeld  
geoogde worteluil 1 niet bedreigd kruiden
gestreepte goudspanner 1 niet bedreigd kruiden
gewone bandspanner 1 niet bedreigd kruiden
gewone breedvleugeluil 1 gevoelig kruiden
gewone worteluil 1 niet bedreigd kruiden
goudvenstertje 1 niet bedreigd divers
grote berberisspanner 1 bedreigd struiken
grote worteluil 1 trekvlinder divers
haarbos 1 niet bedreigd kruiden
kleine groenbandspanner 1 niet bedreigd divers
  kolibrievlinder 1 trekvlinder kruiden
  kooluil 1 gevoelig divers
  kortzuiger 1 niet bedreigd bomen/struiken
  kroonvogeltje 1 niet bedreigd bomen
  lichte daguil 1 kwetsbaar kruiden
  lieveling 1 niet bedreigd kruiden
  meidoornuil 1 niet bedreigd bomen/struiken
  moeras-grasuil 1 niet bedreigd grassen
  plakker 1 niet bedreigd bomen/struiken
  psi-uil/drietand 1 niet beoordeeld  
  stompvleugelgrasuil 1 niet bedreigd grassen
  taxusspikkelspanner 1 niet bedreigd divers
  vaal kokerbeertje 1 nieuwkomer  
  variabele w-uil 1 niet bedreigd kruiden
vierbandspanner / bruine vierbandspanner 1 niet beoordeeld  
  vingerhoedskruiddwergspanner 1 niet bedreigd kruiden
  volgeling 1 niet bedreigd kruiden
  zwartvlekdwergspanner 1 niet bedreigd kruiden

* De status op de voorlopige rode lijst is terug te vinden in het boek van Ellis et al 2013 via de link: https://assets.vlinderstichting.nl/docs/da4886a6-552a-4f5c-a7e4-030924b13665.pdf

 

 

Fijne kerst en een goed 2021.

Fijne kerst en een goed 2021.

Het jaar 2020 komt langzaam maar zeker aan zijn einde. Een jaar dat overschaduwd wordt door Covid-19. De impact van het virus is bij ons minder groot dan de derde droge zomer op rij. Het elektrisch beregenen heeft gelukkig effect gehad. Helaas hebben we dit jaar nauwelijks groepen kunnen ontvangen om kennis te delen. Dat geldt ook voor geïnteresseerden in het Farmnetwork van BASF waar we sinds dit jaar bij zijn aangesloten. Gelukkig gaan de voorbereidingen voor de bouw van  het zonnepark Daalkampen wel gewoon door.

We willen op deze wijze iedereen bedanken voor de plezierige samenwerking in het afgelopen jaar. We hopen jullie in 2021 weer te kunnen ontmoeten. Wij wensen jullie fijne kerstdagen en een goed, groeizaam en gezond nieuwjaar.

Jan Reinier, Lente, Sterre, Elle en Jose.

Dubbel Drents Bier

Dubbel Drents Bier
Op ons bedrijf wordt al tientallen jaren brouwgerst geteeld. De gerst wordt normaal gesproken vermarkt via onze coöperatie Agrifirm. Vervolgens gaat het via Holland Malt meestal naar Bavaria of Heineken. We hebben een aantal jaren een samenwerkingsverband gehad met deze partijen. Hierbij was er een kleine bonus op de teelt en een stuk kennisoverdracht. Maar echt belangstelling voor waar de gerst vandaan komt is er nauwelijks.
Sinds 2020 gaat een deel van onze gerst naar bierbrouwer Martijn Eggens. Korte ketens zijn helemaal hip en daar doen we graag aan mee. Nu is de keten zoals boven beschreven niet erg lang. Maar de samenwerking met Martijn maakt deze nog korter geworden nu een deel van de gerst naar Eggens Craft Beer gaat. En Martijn gebruikt meer regionale ingrediënten.
Martijn Eggens brouwt sinds 2017 commercieel. De bieren van Eggens kenmerken zich door hun krachtige basis van mout, wat er ook in resulteert dat hun bieren vaak hoger zijn in het alcoholpercentage. Voor Martijn is dit een bewuste keus, hij is er namelijk van overtuigd dat bier een volle moutsmaak dient te hebben, welk langer in de mond blijft hangen. Daarnaast gebruikt hij vaak ook net even andere kruiden en (lokale) hopsoorten in het bier en voegt hij iets meer koolzuur toe, zodat de bieren lekker fris blijven en toegankelijk te drinken zijn. Als akkerbouwer ben ik er trots op dat mijn brouwgerst de basis is voor een aantal van zijn bieren. Een deel wordt verkocht onder Martijn zijn eigen label. Zo is onze gerst te vinden in Eggens Zwaar Blond, een stevig bier met 8,3 procent alcohol. Ook wordt een deel verkocht onder het label Dubbel Drents. Naast Dubbel Drenst bier zijn er meer pure, smaakvolle producten van Drentse bodem, waarmee we onze streek op de kaart zetten. Zo zijn er ook, vlees, zuivel, asperges en brood onder dit label verkrijgbaar.
Het eerste Dubbel Drents bier dat Martijn gebrouwen heeft is een Tripel. Het is te koop onder de merknaam de Korenaar. Het is te koop op ruim 10 verkoopadressen in de regio. De komende periode komen er nog 2 Dubbel Drentse bieren bij.
Martijn Eggens was aanwezig bij de oogst van de brouwgerst.
Een item op de site van Dagblad van het Noorden tijdens het brouwen.

Einde oogst 2020.

Einde oogst 2020.

Zaterdag 12 december heeft loonbedrijf Weco De Hondsrug onze laatste suikerbieten gerooid. Hiermee kwam er een einde aan oogst 2020. Het jaar 2020 is beter dan voorgaande 2 jaren. Dat kan gauw. De droogte heeft in die jaren grote schade veroorzaakte. Maar ook in 2020 was droogte een punt van zorg. Met name de suikerbieten hebben daar dit jaar het meeste van geleden. Dat begon al direct na het zaaien, waar door de droogte jonge plantjes slecht opkwamen. En ook tijdens de zomer bleven de regenbuien Odoorn mijden. Nu een groot deel van de suikerbieten is verwerkt, blijkt dat het suikerpercentage laag is, dit is een landelijk probleem. De kilogram opbrengst ligt op ons bedrijf tov van het meerjarige gemiddelde 20 procent lager. Dat is niet overal zo. Onze suikerbieten konden we niet beregenen. De brouwgerst en een deel van de aardappels wel. Bij de aardappels zijn de opbrengsten, net als bij de zomergerst, hoger dan voorgaande jaren, maar zeker niet top. Moeder natuur heeft zich laten gelden.

Als gevolg van Corona staan bij sommige gewassen de prijzen onder druk. De consumptie van bier is fors gedaald. Dat heeft een licht effect op de prijs van brouwgerst. Dat prijseffect zie ook bij suiker(bieten). Dit heeft niet met consumptie te maken. Maar de landen waar suikerriet geteeld worden kiezen ervoor om hun suiker op de suikermarkt af te zetten. In veel gevallen wordt rietsuiker als ethanol (biobrandstof) verkocht. Maar door de lage brandstofprijzen maken ze nu een andere keuze en wordt deze suiker gedumpt op de wereldmarkt. Hierdoor staat de suikerprijs onder druk. Dat helpt ons financieel niet. Overigens is de suiker in de supermarkt niet goedkoper geworden, dat geldt ook voor koekjes, chocolade en andere producten waar veel suiker in zit. Voor het verzorgen van de pootaardappelen hebben we vaste afspraken. Hier komen we redelijk goed weg. Onze zetmeelaardappelen gaan naar Avebe. Avebe heeft deels te lijden van Corona. Maar plukt er ook de vruchten van. Het gemiddeld consumptiepatroon is wereldwijd sterk veranderd. Er worden veel meer noedels en diepvriespizza’s gegeten. En daar zitten veel producten van onze zetmeelaardappels in. De uitbetalingsprijs is dus vrij normaal. Gemiddeld gezien is 2020 een matig jaar. We hopen voor 2021 weer op een normaal groeiseizoen.

Inschuren van de zetmeelaardappels.

Easyconnect closed transfer systeem op spuit.

Easyconnect closed transfer systeem op spuit.

Afgelopen week hebben we een ‘Easyconnect closed transfer system’ op onze spuitmachine laten bouwen. Het gesloten vulsysteem voorkomt emissie van gewasbeschermingsmiddelen tijdens het vullen en blootstelling aan de gebruiker. We gaan het systeem gebruiken dankzij een samenwerking met BASF als onderdeel van het Farmnetwork. CHD Eefting uit Ter Apel heeft het systeem op onze CHD-veldspuit geplaatst.

Het systeem bestaat uit twee componenten: een dop, voorgemonteerd op containers, en een koppelstuk. Het is een eenvoudig te gebruiken systeem. Maar veel ervaring is er nog niet mee. We hebben nauw contact met BASF en CHD om onze ervaring te delen.

Op dit moment zijn er twee gesloten systemen: Het easyconnect systeem van BASF zoals we nu op onze spuit hebben, waarbij inmiddels ook Adama, Certis, Corteva, Nufarm en Syngenta zijn betrokken en easyFlow systeem van Bayer. Beide systemen kunnen de hoeveelheden doseren en hebben een spoelfunctie. Zo’n systeem zou vanaf 1 januari 2024 weleens verplicht kunnen zijn.

Op ons bedrijf houden we ons bezig met duurzaamheid en bewust gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Als voorbeeldbedrijf wil ik aan collega’s en andere geïnteresseerden laten zien wat er mogelijk is met dit ‘closed transfer system’. Helaas dat er door het coronavirus nu geen groepen boeren op mijn bedrijf mogen komen, zodra dat kan bent u van harte welkom.

Einde aardappeloogst.

Einde aardappeloogst.
Ook dit jaar worden er bij het einde van de aardappeloogst oliebollen gegeten. Een vorm van waardering voor iedereen die heeft geholpen de aardappels uit de grond te krijgen. Een traditie van vroeger toen met grote groepen mensen de aardappels nog handmatig uit de grond werden gehaald. Als beloning werden er dan voor de medewerkers oliebollen gebakken.
Afgelopen week zijn op ons bedrijf de laatste zetmeelaardappels gerooid en ingeschuurd. Het groeiseizoen was wederom bijzonder. Half mei zijn de meeste aardappels afgevroren. Dat heeft het gewas behoorlijk teruggezet. De droogte in mei en de maanden daarna hielp herstel niet. Zo droog als het in 2018 en 2019 was, was het afgelopen jaar gelukkig niet. Maar grote hoeveelheden water vielen er helaas weer niet. Gelukkig kunnen we dit jaar een deel van de percelen elektrisch beregenen. In de pootaardappelen zijn er wel verschillen, maar zowel het beste als het slechtste perceel zijn niet beregend. Toch denk ik dat er een positief effect is geweest. Bij de zetmeelaardappelen is dit verschil duidelijker. De opbrengst van de beregende rassen ligt tien tot vijftien procent hoger. Ten op zichtte van vorig jaar is de kilogramopbrengst gemiddeld hoger en ook het zetmeelpercentage is iets beter. Al met al, kon minder…..
 

GEWASINDEX, hulp bij precisielandbouw

GEWASINDEX, hulp bij precisielandbouw

MAXSUS is als project gestart vanuit de wens van de deelnemende ondernemers om beter grip te krijgen op de factoren, die uiteindelijk de opbrengst bepalen. In grote lijnen kennen we natuurlijk het belang van een goede bodem, voldoende water en meststoffen en een goede gewasbescherming tegen ziekten en plagen. Maar hoe stuur je daar nu precies op? Want een perceel is niet homogeen en dus is ook de gewasontwikkeling niet homogeen. Vanuit de gedachte van duurzaamheid (MAXSUS staat voor Maximum Sustainable, maximaal duurzaam) willen we zo zuinig mogelijk omgaan met de beschikbare resources en dus het gebruik zo goed mogelijk afstemmen op de behoefte van de plant.

Een van de hulpmiddelen, die de telers al meerdere jaren inzetten zijn OptRx gewassensoren. Globaal elke 10 dagen wordt de gewasindex NDRE gemeten. Het gewas reageert op gunstige groei-omstandigheden, waardoor de sensor een hogere meetwaarde geeft. Op basis van de meetwaarden kunnen we een kaart maken waarin we de meetwaarden en de variatie in het perceel in beeld krijgen. Het is echter nog niet zo eenvoudig om die kaartjes te interpreteren. Allereerst, wat zegt de absolute waarde? Uit de ervaring, die we hebben opgedaan bij het verzamelen van veel meetwaarden van heel veel verschillende percelen (in 2019 in totaal 100 percelen, 528 ha), blijkt dat er verschillende factoren zijn waar je rekening mee moet houden. We meten met 3 setjes sensoren. Elk setje heeft een soort systematisch afwijking, de een meet altijd hogere waarden dan de ander. Dit leidt zelfs tot onderlinge competitie, waar de betreffende eigenaar niet echt wat aan kan doen. Wanneer je verschillende rassen bekijkt, zie je ook vaak duidelijke verschillen met een scherpe overgang tussen de rassen, die niet naar de groeiomstandigheden zijn terug te leiden. Het is dus soms gewoon een ras eigenschap.

Wat zegt de relatieve waard dan? Het is dus belangrijk om te kijken naar de verschillen. De verschillen in ruimtelijke zin, de verspreiding over het perceel, en de verschillen in de loop van de tijd. Dus de vraag rijst, welk moment moet je meten en wat zegt die waarde dan. Als je de kaartjes bekijkt, dan is er niet altijd een goede of slechte plek aan te wijzen. Een goede plek kan op enig moment weer een lagere waarde hebben dan de rest en dan daarna toch ook weer beter presteren. En als je de grafieken bekijkt, dan zie je bepaalde percelen in het begin hoge waarden geven, maar dan naar het einde van het groeiseizoen sterker teruglopen dan de rest. Uit analyse van de data bleek al snel dat er niet één specifiek moment is aan te wijzen, die de uiteindelijk een goede opbrengst voorspelt. Maar wanneer je het gehele oppervlakte onder de grafiek bekijkt, dus het gebied tussen de grafiek en de x-as, dan blijkt wel dat er een verband is tussen die oppervlakte en de uiteindelijke opbrengst. En de opbrengst is natuurlijk waar het uiteindelijk om gaat.

Dit was een inkijkje in de bevindingen op basis van de gewassensoren, in een volgend artikel zullen we ingaan op andere soorten data, die in het project worden verzameld en geanalyseerd.

De DataBoerin Nicole Bartelds en Jan Reinier de Jong

Insectenmonitoring op de boerderij.

Insectenmonitoring op de boerderij.
Je kunt geen krant openslaan of je leest wel over de enorme afname van biodiversiteit. Veelal wordt er direct een link gelegd tussen de afname van insecten en de landbouw. De moderne landbouw die volgens sommigen steeds intensiever wordt. Ik heb daar mijn vraagtekens bij. Wordt de landbouw steeds intensiever? Ik zie dat bouwplannen ruimer worden, er zijn minder koeien. Wet- en regelgeving verplichten tot minder gebruik van (organische) meststoffen en het pallet aan gewasbeschermingsmiddelen wordt snel kleiner. Mondjesmaat komen daar nieuwe (biologische) middelen voor terug die minder impact hebben op de omgeving.
Maar hoe groot is de rol van de landbouw in die afname van biodiversiteit? In de regio waar wij boeren is veel natuur. Overal om mij heen zie ik bos en dat is de afgelopen 20 jaar fors toegenomen. Bij verschillende projecten wordt standaard een stuk nieuwe natuur aangelegd en altijd op landbouwgrond.
We doen op ons bedrijf, net als een paar honderd andere collega’s in Drenthe, aan agrarische natuurbeheer. Voedselvelden en kruidenrijke akkers voor vogels, akkerranden voor de reptielen en bloemrijke akkers voor insecten.
Wat zijn de effecten van al die maatregelen die wij nemen als akkerbouwer? Hoe veel insecten lopen er eigenlijk tussen de suikerbieten of brouwgerst? Of zitten de insecten alleen maar in het agrarisch natuurbeheer? Daar is nog maar erg weinig van bekend. Op zich wel knap dat hele volksstammen daar toch een mening over hebben.
Dit seizoen worden een deel van onze randen voor het derde jaar op rij gemonitord door de Vlinderstichting. Een samenwerking met BASF maakt dit mogelijk. Elke paar weken worden de verschillende kruidenmengsels beoordeeld op de aantallen en verschillende soorten insecten die erin voorkomen. En dat zijn er nogal wat, ook bijzondere soorten zoals een harsbij en een grashommel. Ook zijn er op ons bedrijf loopkevervallen geplaatst. In verschillende percelen is meerdere keren gekeken hoeveel en welke loopkevers er tussen de gewassen scharrelen. Ook hier zien we, ondanks de agrarische activiteiten, een enorm scala aan bodemdieren.
In Nederland zijn ongeveer 1400 soorten nachtvlinders. Zouden deze ook in grote getale in de landbouwpercelen zitten? Dat kon tot voor kort niemand vertellen. Sinds vorig jaar monitoren een 50-tal landbouwers regelmatig nachtvlinders. Bimag wordt dit genoemd, Boeren Insecten Monitoring Agrarische Gebieden. Met een emmer met ledlampen worden de vlinders gevangen, gefotografeerd en weer losgelaten. De foto’s gaan naar de Vlinderstichting, daar wordt gekeken om welke soorten het gaat. Ook op ons bedrijf doen we hieraan mee. Samen met onze oudste dochter legen we regelmatig in alle vroegte de emmers. De emmers staan op verschillende percelen en op het erf. De meeste vlinders vangen we in de pootaardappelen. En ook hier zien we bijzondere soorten.
Ik denk dat we als landbouw wel degelijk een effect hebben op de biodiversiteit. Dan kan ook niet anders, wij telen aardappelen, bieten en graan op onze grond. Dat doen we al generaties lang. Maar die invloed is beperkt en wordt steeds minder. Er is steeds minder landbouwgrond. Andere factoren zoals verstedelijking, toename infrastructuur en de bevolkingsgroei hebben steeds meer impact. Nu we monitoren weten we wat er allemaal aan insecten te vinden is op onze percelen. Ondanks of dankzij het gebruiksdoel zijn dat er best veel. En daar mogen we best trots op zijn.
Loopkevers.

bijeenkomst -voorBoeren-

bijeenkomst -voorBoeren-

 -voorBoeren-  is een initiatief waarmee boeren met elkaar en van elkaars ervaringskennis over duurzaamheid kunnen leren.  Bij  -voorBoeren- staan innovatie en concreet aan de slag gaan centraal.

 
 
Op 17 juli zijn boeren welkom bij twee Drentse collega’s op het bedrijf. In Odoorn bij Jan Reinier de Jong en in Oosterhesselen bij Gerard Lanting, beiden akkerbouwer. Tijdens het bezoek laten ze graag zien wat zij op hun bedrijf doen op het gebied van innovatie en duurzaamheid. Sparren en ervaringen delen met collegaboeren staan centraal. Welke problemen kwamen zij tegen; welke oplossingen vonden zij en wat levert het op? Van bodemstructuur, bodemleven en kringloopaspecten tot duurzame energie. Allerlei thema’s en praktijkvoorbeelden komen aan bod! Ben je boer en wil je meedoen? Je kunt deelnemen aan één of twee bezoeken. Tussen de middag zijn er broodjes. Geef je op door een mailtje te sturen aan info@voorboeren.nl. Dan ontvang je een bevestiging met details.
 
 
 
10:00 – 12:00 uur
Jan Reinier de Jong in Odoorn: 100 ha zandgrond; zetmeelaardappelen, pootaardappelen, brouwgerst, suikerbieten. Als voormalig broedplaats van stichting Veldleeuwerik heeft De Jong oog voor heel diverse aspecten van duurzaamheid. Een experiment met opslag van zonne-energie in Lithiumbatterijen bijvoorbeeld. En dan met de opgeslagen energie de elektrische beregeningsinstallatie laten draaien. Maar hij neemt ook deel aan agrarisch natuurbeheer met monitoring van insecten. Hij zet stappen met precisielandbouw. Gewassensoren helpen bijvoorbeeld bij het plaatsspecifiek doseren van fungicide in de aardappels. Maar hij werkt ook met bodemkaarten. De Jong doet mee aan een proef met het EasyConnect systeem waarmee je de spuitmachine emissieloos kunt vullen. Geen gedoe meer met maatbekers en handschoenen.
 
 
12:15 – 13:00 uur Lunch
 
 
13:15 – 15:15 uur Gerard Lanting in Oosterhesselen: 60 ha esgrond; Voor zaaizaad: zomertarwe, haver, pompoen, kervel, krulpeterselie. Voor consumptie: cichorei, sperziebonen, valeriaan, waspeen, mais. Lanting is overtuigd biologisch boer. Hij begon zijn bedrijf in 2003 op gangbare grond. Hij kwam de nodige problemen tegen in het begin. O.a. schadelijke aaltjes. Interessant om te horen hoe hij die problemen tackelde. Door het inmiddels levendige bodemleven hoeft hij veel minder te bemesten. Ook werkt hij samen met een veehouder. Nu steeds meer gangbare boeren op zoek zijn naar manieren om de natuurlijke processen in en boven de grond meer voor zich te laten werken, kan het inspirerend zijn om eens mee te kijken met een biologische boer die daar veel ervaring mee heeft.
 
Bekijk de volledige bedrijfsprofielen op de website: www.voorboeren.nl.
 
 
Corona
De regelgeving rond Corona maakt het mogelijk om deze bijeenkomst te organiseren. Een flink deel vindt plaats in de openlucht. En al lijkt de besmettingsdreiging op dit moment wat afgenomen, we zullen er wel alles aan doen om besmetting te voorkomen. We doen een dringend beroep op alle deelnemers om niet deel te nemen bij klachten. En om zich tijdens de bijeenkomsten en onderweg te houden aan de regels. Zoals die met betrekking tot de anderhalve-meter en hygiëne.

Slechte start seizoen.

Slechte start seizoen.

Begin maart was het erg nat. We begonnen het seizoen met het weg pompen van water op de natte perceelsgedeelten. Vervolgens droogte het snel af. We konden vlot het land op. Eind maart zaten de suikerbieten en de zomergerst al in de grond. De aardappels kwamen er direct achteraan. Het weer was droog en mooi, elke dag werd maximaal benut. Half april was het meeste werk aan kant. Vervolgens bleef het drogend weer. Langzaam maar zeker viel op dat sommige zaadjes van de suikerbieten, maar ook gerst niet kiemden. Als gevolg van de droge omstandigheden lagen de zaden “droog”. Deels hebben we dit opgelost door een perceel suikerbieten te beregenen. Gelukkig viel er rond die periode (eind april) ook wat regen. Vervolgens zag je alles de grond uit schieten. De aardappels kwamen massaal op en ook de nog niet gekiemde bieten en gerst kwamen boven de grond. Door de stevige wind hadden de bieten wel te lijden, met name juist de planten die net op kwamen. En het bleef weer droog. Alsof de gewassen nog niet genoeg geleden hadden was er half mei zware nachtvorst. Rond 15 mei vroor het 7 graden aan de grond. De kleine suikerbieten konden daar niet tegen. Ook de gerst op de lichte zandkoppen kregen zwaar te verduren(foto boven), net als de aardappels (foto onder). De schade is op die perceelsgedeelten fors. En door de droogte herstellen deze plekken slecht. Nu, het eerste weekend van juni, valt er gelukkig wat regen. Toch is de schade van de vorst nog steeds zichtbaar, met name in de aardappels. Hopen dat we de komende maand een beetje gematigd weer krijgen met regelmatig een bui regen. Dan is er nog volop perspectief voor een redelijke oogst. We gaan het zien.

Tweewassigheid in gerst links en vorstschade in aardappels.